Overdenkingen

Hier verschijnt iedere maand de overdenking uit NieuwsBRON, het kerkblad van onze gemeente.

 

Overdenking

September 2022 - Jenny Zwijnenburg

 

“Je tong heeft de macht over leven en dood. Als je je mond zijn gang laat gaan, zul je daarvan de gevolgen dragen.” (Spreuken 18:21)

 

Met jouw woorden kan je kiezen voor leven of dood. Je kan ervoor kiezen om leven te spreken of je kan ervoor kiezen om mensen naar beneden te halen.

 

We maakten het zelf mee in ons gezinshuis. Een jongere beschuldigde ons van mishandeling. Dit is een heftige beschuldiging en had een grote impact op ons en op ons gezinshuis. Uiteindelijk gaf ze toe dat ze het zo niet bedoeld had en ze alleen hoopte dat ze meer vrijheden zou krijgen. Maar het kwaad was al geschied. Het doet iets met je als er dingen over je gezegd worden die niet waar zijn. En ook nog eens tegen anderen. Je hebt het gevoel je te moeten verdedigen. Gelukkig is de relatie tussen haar en ons hersteld maar wonen bij ons was geen optie meer.

 

Ik las een verhaal dat uit een film (Doubt) komt. Ik citeer:

“Een vrouw roddelde met een vriend over een man die ze nauwelijks kende. Die nacht had ze een droom. Een grote hand verscheen boven haar met een wijsvinger naar haar gericht. Ze werd onmiddellijk gegrepen door een overweldigend gevoel van schuld. De volgende dag ging ze ter biecht. Ze vertelde haar pastoor het hele verhaal. “Is roddel een zonde?”, vroeg ze de oude man. “Was dat de hand van God die naar mij wees? Moet ik vragen voor absolutie? Mijnheer Pastoor, vertel me, heb ik iets verkeerds gedaan?”
“Ja!”, zei de oude pastoor. “Ja, jij domme, slecht opgevoede vrouw! Je hebt valse getuigenis gegeven aangaande je naaste, je hebt gerommeld met zijn reputatie, en je zou je zeer moeten schamen!” De vrouw zei dat ze spijt had en vroeg om vergiffenis. “Niet zo snel!”, zei de pastoor. “Ik wil dat je naar huis gaat en een kussen mee naar je dak neemt, die opensnijdt met een mes en dan weer hier terugkomt.”
Dus de vrouw ging naar huis, nam een kussen van haar bed en een mes uit haar keukenla, ging via de brandtrap naar het platte dak en sneed het kussen open. Daarna ging ze terug naar de pastoor.
De film toont op dat moment de vrouw zittend op het platte dak met alle veren uit het kussen die om haar heen dwarrelen in de ochtendbries.
“Heb je het kussen opengesneden?”, vroeg de pastoor. “En wat was het resultaat”? “Veren”, zei de vrouw, overal veren”. De pastoor zei: “Nu wil ik dat je teruggaat en elk veertje verzamelt dat is weggewaaid”. “Dat zal niet gaan”, zei de vrouw, “Ik weet niet waar ze allemaal zijn heen gevlogen”. “En dat ”, zei de pastoor, “is wat roddel doet.”

 

Dat is wat roddel doet: Eenmaal uitgesproken is het niet meer ongedaan te maken.

 

Roddel start met de tong. In Jakobus 3:1-10 waarschuwt Jakobus ons aangaande onze tong: Laat niet zovelen uwer leraars zijn, mijn broeders; gij weet immers, dat wij er des te strenger om geoordeeld zullen worden. Want wij struikelen allen in velerlei opzicht; wie in zijn spreken niet struikelt, is een volmaakt man, in staat zelfs zijn gehele lichaam in toom te houden. Als wij paarden de toom in de bek leggen, zodat zij ons gehoorzamen, kunnen wij ook hun gehele lichaam besturen. Zie, ook de schepen, ofschoon zij zo groot zijn en door sterke winden voortgedreven worden, worden door een zeer klein roer gestuurd, waarheen maar het believen van de stuurman wil. Zo is ook de tong een klein lid en voert toch een hoge toon. Zie, hoe weinig vuur een groot bos in brand steekt. Ook de tong is een vuur, zij is de wereld der ongerechtigheid; de tong neemt haar plaats in onder onze leden, als iets, dat het gehele lichaam bezoedelt en het rad der geboorte in vlam zet, terwijl zij zelf in vlam gezet wordt door de hel. Want alle soorten van wilde dieren en vogels, van kruipende dieren en zeedieren worden bedwongen en zijn bedwongen door de menselijke natuur, maar de tong kan geen mens bedwingen. Zij is een onberekenbaar kwaad, vol dodelijk venijn. Met haar loven wij de Here en Vader en met haar vervloeken wij de mensen, die naar de gelijkenis Gods geschapen zijn: uit dezelfde mond komt zegening en vervloeking voort. Dit moet, mijn broeders, niet zo zijn.

 

Wat u vertelt over anderen moet waar zijn; het moet nuttig zijn voor de ander om te horen en het mag niet iets zijn wat u in vertrouwen hebt gehoord. Anders is het roddel. Alarmbellen moeten gaan rinkelen zodra iets ongunstigs gezegd wordt over een broeder of zuster. Neem de nodige actie en wees een vredestichter. Los conflicten en potentiële conflicten zo snel mogelijk op in de naam van liefde en eenheid.

 

Hoe gaan wij als christen en gemeente om met onze tong? Beseffen we dat we een voorbeeld horen te zijn voor de wereld om ons heen?

 

Ik hoop en bid dat in onze gemeente de tong niet gebruikt wordt om de gemeente af te breken maar om haar op te bouwen. Om God te loven voor Zijn goedheid en trouw. Om een positief geluid te laten horen aan hen die God niet kennen. Ik schreef het de laatste keer al. Dat het vuur van Gods Geest zal worden aangewakkerd. Dat er zegen uit onze mond zal komen zodat de veertjes uit het kussen geen roddel zijn die vanuit onze gemeente het dorp in waaien maar liefde en passie voor God zullen zijn.

Jenny Zwijnenburg


 

Archief